Burch, Adrianus vander (1543-1606)

I. Adriaen vander Burch (Mechelen 1543 – Utrecht 1606) was de jongste zoon van Adriaen vander Burch, raadsheer in de Grote Raad te Mechelen, en Barbara van Schore. Naar alle waarschijnlijkheid in of omstreeks 1543 te Mechelen geboren, liet hij zich in augustus 1559 te Leuven immatriculeren als student van de artespedagogie Het Varken, samen met zijn oudere broer Lambert. Na reeds in Leuven een aantal jaren rechten te hebben gestudeerd, vervolgde hij zijn studie in Italië, waar hij zich op 4.3.1567 in Padua liet inschrijven en op 22.4.1569 te Siena promoveerde. Sinds 1569 vervulde hij het ambt van secretaris of griffier van het Hof van Utrecht. Op 1.10.1570 trouwde hij met Cornelia Schrijvers, dochter van Mr. Ghislain Schrijvers, eveneens griffier van het Hof van Utrecht, die hem minstens vijf kinderen schonk. In 1586 werd hij, samen met zijn broer Lambert die in december 1578 tot deken van het kapittel van Sint-Marie in de Domstad was gekozen, en vele andere vooraanstaande katholieken door de partij van Leicester zonder vorm van proces uit Utrecht verbannen. In 1588 kon hij er echter terugkeren en zijn ambt weer opnemen. Nadat hij reeds in 1582 een boekwerkje met Latijnse gedichten had gepubliceerd, liet hij van 1589 tot 1603 met grote regelmaat bundels met overwegend vrome gedichten van zijn hand verschijnen. Hij overleed in Utrecht op 24.12.1606. Twee dagen later werd hij ten Dom overluid en in de Mariakerk begraven.

II. Vander Burchs oeuvre bestaat overwegend uit bundels met vrome gedichten./VANAF hier bewerken; ik geef nog onderstaande werken/

In 1582 gaf hij eigen gedichten uit in de door hem verzorgde uitgave Laudes illustrissimae Hieronymae Columnae, Ascanii Columnae et Ianae Aragoniae filiae, vario genere carminum a diversis celebratae, opera Adriani Burchii editae: Cum miscellaneis aliquot eiusdem Adriani Burchii poëmatibus (Antverpiae, Ex officina Christophori Plantini, 1582)

Epigrammaton sacrorum centuria prima (Lugduni Batavorum, Ex officina Plantiniana, Apud Franciscum Raphelengium, 1589)

Epigrammaton sacrorum centuria II (Lugduni Batavorum, Ex officina Plantiniana, Apud Franciscum Raphelengium, 1590)

Epigrammaton sacrorum centuria III (Lugduni Batavorum, Ex officina Plantiniana, Apud Franciscum Raphelengium, 1591)

Farrago piarum similitudinum. Additus est sub finem Hymnus paschalis, in quo breviter vita, mors et resurrectio Christi (Lugduni Bat., Ex offic. Plantiniana, Apud Franciscum Raphelengium, 1593)

Charitas sive sylvae piorum amorum (Lugduni Batavorum, Ex officina Plantiniana, Apud Franciscum Raphelengium, 1595)

Fides ac spes: sive de duabus illis virtutibus sententiae et exempla (Lugduni Batavorum, Ex officina Plantiniana, Apud Franciscum Raphelengium, 1597)

Pia decasticha, sive, sententiarum et exemplorum centuriae tres ([Lugduni Batavorum], Ex officina Plantiniana, Apud Christophorum Raphelengium, Academiae LugdunoBat. typographum, 1599)

Pii lusus. In quibus Oscula et Oculi, ac post illos Tristia et Funera (Ultraiecti, Ex Officina Typographica Hermanni Borculoi in intersignio Cervi alati, Anno 1600)

Piorum hexastichon centuriae IV ([Lugduni Batavorum], Ex officina Plantiniana Raphelengii, 1603)

Inscripties in het album amicorum van Janus xe “Dousa Pater, Janus:- album amicorum” Dousa Pater (Heesakkers 2000, I, fol. 92v-93r; II, pp. 359-363) en in het album van Johannes ab Aemstel a Mijnden (’s-Gravenhage, KB, Hs. 74 J 37, fol. 67r)

III. Werken:

IV. Literatuur: BHAPB 1972; BHAPB 1988; H. van de Venne, ‘Mr. Hadrianus vander Burch’, in id., Cornelius Schonaeus Goudanus (1540-1611), Deel 2, De vriendenkring. Gedichten aan en van zijn vrienden, Voorthuizen 2002 [= Haarlem reeks 15.2], 361-370

[... & H. van de Venne]